|
|
Opleiding |
In
de opleiding beeldhouwen: steen - beeld
leren de studenten eerst de voornaamste
steenbewerkingstechnieken en opmeettechnieken te beheersen. Dit houdt in dat
in deze cursus het joppen of klieven, punten, boucharderen, scharreren of
frijnen en eventueel het schuren en polijsten op een historisch verantwoorde
manier uitgevoerd moet kunnen worden. Dit is noodzakelijk om de
historisch gegroeide “artificiële” en “natuurlijke” bewerkingen beter te
kunnen onderscheiden en toepassen. |
|
|||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||
|
De student van de cursus beeldhouwen,
steen – beeld wordt steeds individueel begeleid om geleidelijk en
systematisch meer kennis en vaardigheid te verwerven. Op deze manier kan de
student, in samenspraak met het lerarencorps, een persoonlijk traject samen
stellen. Het begin van de opleiding is steeds eenvoudig, de
moeilijkheidsgraad van de oefeningen wordt geleidelijk aan groter. |
|
|||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||
|
|
Problemen in verband met techniek of
vorm die zich aandienen en die relevant zijn voor ieders leerproces worden in
groepsverband gedetailleerd onder de loep genomen en besproken. Zo ontstaat
in de cursus een creatief spanningsveld, dat positief bijdraagt om de
creativiteit te bevorderen en het discours aan te wakkeren. |
|||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||
|
|
|
|||||||||||||
|
|
De student van de opleiding beeldhouwen,
steen - beeld, moet de rotatie - of sfeertechniek leren beheersen om een
beeld vorm te geven. Deze techniek bevat zowel een
manier om de realiteit, het model, waar te nemen als een methode om dit weer
te geven, te reproduceren, te kappen of te boetseren. Het samenvallen van
vormconcept en uitvoeringspraxis levert de rotatietechniek zijn enorme
performance. Hierbij wordt al dan niet gebruik
gemaakt van de puntpasser. |
|||||||||||||
|
|
In de cursus beeldhouwen, steen – beeld,
gaan we ervan uit dat er telkens één stuk op een sculpturale manier gemaakt
wordt. De weg die de oorspronkelijke beeldhouwer aflegde wordt opnieuw
ontdekt, afgelegd. Hierdoor leert men sculpturale oplossingen uit het
verleden zoals de expressie door gestes van de vingers, ogen, tenen,
draperieën, stileringen, materieweergaven. De betekenis van een plooi, van
het haar is een belangrijk element in een beeldhouwwerk: hangend, als
ornament, gewichtloos, bewegend, enz. |
|
|
|||||||||||
|
|
||||||||||||||
|
Daarna worden de studenten
beeldhouwen, steen -beeld geleidelijk uitgedaagd om er iets meer mee te gaan
doen, een eigen persoonlijke uitdrukkingsvorm te vinden. |
||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||
|
© Jeroen Humbeeck
|
||||||||||||||
|
||||||||||||||